Bij het vertrek van minister Efkan Ala (COLUMN)

0

ala index

Istanbul/Peter Edel (COLUMN) – Het vertrek van minister van Binnenlandse Zaken Efkan Ala, waar Turkije deze week door overvallen werd, zette me even op het verkeerde been. Omdat ik Ala ken als een vertrouweling van president Erdogan, die genoemd is als belangrijke factor bij de opvolging van Hakan Fidan, het hoofd van de nationale inlichtingendienst MIT.

De vorig jaar door Fidan kenbaar gemaakte ambitie om de politiek in te gaan viel in slechte aarde bij Erdogan, wat tot vermoedens leidde dat hij zijn positie kon verliezen. Daarom deed het vertrek van Ala me kort veronderstellen dat hij Fidan zou kunnen gaan vervangen.

Verkeerde veronderstelling, want ik zag over het hoofd wat er in de tussenliggende tijd allemaal niet is gebeurd. Zoals het vertrek van voormalig premier Ahmet Davutoglu, die Fidans voorgenomen stap naar de politiek steunde. Fidans betrekkingen met Erdogan lijken door het heengaan van Davutoglu verbeterd te zijn. Of Fidan dat voor hem heugelijke feit vierde door een snorretje te kweken is onduidelijk – justitieminister Bozdag heeft er sinds enige tijd ook een -, maar zijn vertrek bij MIT is op dit moment in ieder geval niet aan de orde.

Redenen

Er zijn verschillende redenen genoemd voor het ontslag van Ala. Een daarvan is de vorige week door de Koerdische PKK gepleegde aanslag in de Zuidoostelijk gelegen stad Cizre. Voorafgaand daaraan bereikten Ankara waarschuwingen over ‘gebrekkige veiligheidsmaatregelen’. Dat daar geen of onvoldoende gevolg aan werd gegeven zou Ala kwalijk zijn genomen.

Ook de sinds de couppoging van 15 juli jl. op gang gekomen campagne tegen volgelingen van imam Fethullah Gülen lijkt echter een rol te hebben gespeeld. Ala kreeg de rekening gepresenteerd voor klachten van aanklagers dat veiligheidsdiensten zich onvoldoende hielden aan hun opdrachten in dat verband.

Een derde genoemde reden voor het vertrek van Ala is dat hij van banden met de Gülen-beweging verdachte gouverneurs per abuis wilde laten vervangen door kandidaten waarover bleek dat ze zelf volgelingen van de imam zijn.

Dat laatste is overigens niet alleen een indicatie van de moeite die de regering moet doen om geschikte plaatsvervangers voor de uit de staat verjaagde Gülen-volgelingen te vinden, maar wellicht ook voor de mate waarin die zich vaak verdekt weten op te stellen. Zeg Gülen en je zegt geheim! Heel goed mogelijk daarom dat zich ook nu nog veel volgelingen van de oude imam in staatsinstanties bevinden waar de regering totaal geen weet van heeft.

Strijdkrachten

In mijn vorige artikel schreef ik dat naar aanleiding van de massale ontslagen en arrestaties na de couppoging de vraag is gerezen waarom de regering eerder relatief terughoudend optrad tegen de beweging rond Gülen, en waarom diens volgelingen in de strijdkrachten zelfs volledig ongemoeid werden gelaten.

Eerder was al bekend dat Erdogan instemde met de weigering van de militaire leiding om Gülens volgelingen uit de strijdkrachten weg te zuiveren. De generale staf vreesde voor een herhaling van de tussen 2008 en 2013 ontstane crisis in de strijdkrachten als gevolg van de Ergenekon- en Balyoz-procedures.

Dat voor de couppoging niets werd ondernomen tegen aan de Gülen-beweging verbonden militairen toont dat Erdogan waarschijnlijk gevoelig was voor dit argument. Een staatsgreep viel toen nog niet te voorspellen, maar als ik in zijn schoenen stond had ik voor de zekerheid MIT-informanten in de arm genomen om een vinger aan de pols te houden. De Gülenisten kunnen het woord geheim dan met hoofdletters schrijven, maar een beetje inlichtingendienst moet daar tegen opgewassen zijn en ongewenste tendensen binnen de strijdkrachten kunnen signaleren.

Als Erdogan echt pas in de uren voorafgaand aan de couppoging op de hoogte raakte van de plannen daartoe, wordt het waarschijnlijk dat hij die beslissing niet nam. De vraag is uiteraard waarom niet. Ging de roes naar aanleiding van zijn serie verkiezingsoverwinningen zo ver dat hij zich onaantastbaar achtte voor zijn aartsvijanden?

Maatschappijontwrichtende gevolgen

Ten aanzien van Gülens volgelingen buiten de strijdkrachten gingen de maatregelen evenmin zo ver als ze hadden kunnen gaan. Over de oorzaak daarvan werd het een en andere gesuggereerd in de Turkse media na het vertrek van Ala.

Hij zou tot de ministers in de regering hebben behoord die zich bewust waren van de maatschappijontwrichtende gevolgen van een te rigoureuze bestrijding van de Gülen-beweging. Daar
valt veel voor te zeggen gezien de risico’s van tienduizenden diep gefrustreerde outcasts voor de samenleving, die ik in mijn vorige artikel al noemde.

Na de couppoging kwamen dergelijke overweging echter noodzakelijkerwijs te vervallen, met als gevolg dat de consequenties op korte of lange termijn van onbeperkte maatregelen tegen de Gülen-beweging voor lief dienen te worden genomen.

Kortom, Turkije is nog lang niet klaar met de ontstane situatie. In die zin komt Efkan Ala, los van de genoemde redenen voor zijn vertrek, over als een zondebok ten aanzien van een onzeker toekomstbeeld.

Volg Peter Edel op Twitter

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (2012, Uitgeverij EPO, Antwerpen)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here