ma 20 november 2017, 23:58 uur

Rumoer rond het graf van Osmans opa

[Door Peter Edel] – In het jaar 1236 ging een zekere Süleyman een stukje zwemmen in het Syrische deel van de rivier de Eufraat. Het is al even geleden en wat er precies gebeurde is onduidelijk, maar hij zou zijn verdronken. Het ongelukkige voorval was al lang vergeten wanneer Süleyman niet de grootvader was geweest van sultan Osman I, de grondlegger van het Ottomaanse Rijk. Dat maakt hem tot een belangrijk figuur in de Turkse geschiedenis. Niet in de laatste plaats voor de regerende Gerechtigheids- en Ontwikkelingspartij (AKP), waar men sentimenten over de Ottomaanse periode niet onder stoelen en banken steekt. Komt nog bij dat de Ottomaanse dynastie eeuwenlang nauw verbonden was aan het reilen en zeilen binnen de islam, waardoor Süleyman ook daar een plaats kreeg.

Suleyman Shah werd te rusten gelegd in een graftombe nabij de Syrische plaats Qal’at Ja’bar, op 25 kilometer van de Turkse grens. Was eeuwenlang geen probleem. Totdat het Ottomaanse Rijk na de Eerste Wereldoorlog afstand moest doen van Syrië. Door het verdrag van Ankara, dat de prille Turkse Republiek in 1921 met Frankrijk sloot, werd Süleyman Shah’s tombe echter een autonoom stukje Turks grondgebied. Dat bleef zo nadat het grafmonument in 1973 werd verplaatst, omdat in het nabijgelegen Assad-meer een stuwdam werd aangelegd. Het was misschien beter geweest om de tombe bij die gelegenheid naar Turkije te verhuizen, maar wellicht vond de NAVO het handig om een outpost te hebben in het Sovjet-vriendelijk Syrië.

Vervolgens was er bijna 40 jaar lang weinig te doen over de sporadisch door Turkse toeristen bezochte Turkse enclave in Syrië. Totdat de Turkse premier Erdogan verleden week op de TV verscheen om een dosis paniek te zaaien:

‘De tombe van Süleyman Shah en het omringende gebied is ons territorium. We kunnen geen enkele voor ons nadelige actie tegen dit monument toestaan, omdat het zowel een aanval op ons grondgebied als een aanval op een NAVO-land zou betekenen.’

Vooralsnog is er niets aan de hand bij het graf van Süleyman Shah. Een regeringswoordvoerder toonde zich bezorgd over de mogelijkheid dat het monument voor een ‘provocatie’ wordt gebruikt, maar haastte zich hieraan toe te voegen dat van zoiets op dit moment geen sprake is.

Van welke kant zou die provocatie moeten komen? Wellicht doelde de regeringswoordvoerder op het Syrische regime van al-Assad. Maar die heeft niets te winnen bij een actie die de NAVO zou kunnen doen besluiten tot een open oorlog in Syrië. Zoals de zaken er nu voor staan kan het nog wel even duren voordat het (niet zo) Vrije Syrische Leger (FSA) al-Assad op de knieën krijgt. Niet in de laatste plaats omdat hij door een groter deel van de bevolking wordt gesteund dan het westen wil weten. Echter, zodra de NAVO tot een grootscheepse interventie beslist is het met een paar weken bekeken voor al-Assad.

Wie heeft wel baat bij het provoceren van de NAVO? Uitaard degenen die profijt zouden trekken uit een westerse interventie. Met andere woorden, de tegenstanders van al-Assad. Zij worden ongeduldig nu de Syrische dictator over meer flexibiliteit blijkt te beschikken dan menigeen voor mogelijk hield. Niet alleen de Syrische rebellen en hun buitenlandse kompanen (Afghanen, Tsjetsenen, Britse fundi’s, noem maar op) staren naar de kalender. Ook in Ankara kijkt men reikhalzend uit naar de val van al-Assad. Het postmoderne Ottomaanse project zou er immers mee gediend zijn. Precies om die reden neemt de Turkse regering haar aandeel in het leveren van wapens, geld en informatie aan de Syrische rebellen.

Aldus ontstaat zomaar de indruk dat er iets bekokstoofd wordt rond de tombe van Süleyman Shah. Een zelfmoordaanslag nabij deze Turkse enclave door een of andere jihadist met een al-Assadvlaggetje in zijn hand en wie weet is Washington te porren voor een grootscheepse operatie in Syrië. Het bewind in Damascus is al vaker verrast door een false flag en geen Amerikaanse of Europese haan die daar naar kraaide. Westerse grafologen kunnen de signatuur van verdachte aanslagen in Syrië nu eenmaal moeilijk thuisbrengen. En dat terwijl die in een aantal gevallen toch een penetrante al-Qaeda geur verspreiden.

Toch is het de vraag of het er van zal komen. Een dergelijk fijn plan ga je namelijk niet vooraf op de TV deels uit de doeken doen. Met andere woorden, Erdogan zou zijn mond wel eens voorbij gepraat kunnen hebben. Hij spreekt wel vaker wanneer hij in zijn eigen belang beter kan zwijgen. Vast staat dat Erdogan eerder poogde om Barack Obama tot een open oorlog in Syrië te bewegen. In juni greep hij het incident met de Turkse F4 Phantom aan om de Amerikaanse president zover te krijgen. Lukte niet, want een paar dagen later hoorde de wereld over inzichtelijke verschillen tussen Washington en Ankara ten aanzien van een open oorlog in Syrië.

Overigens ontbreekt nog altijd het sluitende bewijs dat de F4 Phantom in internationaal luchtruim werd neergehaald. Ankara houdt weliswaar vast aan die lezing, maar de rest van de wereld weet ondertussen beter. In dezelfde week waarin Erdogan zijn Ottomaans gekleurde ballonnetje over de tombe van Süleyman Shah opliet wees de Turkse krant Taraf bijvoorbeeld op radarinformatie van het NAVO-commando in Izmir en de Britse militaire basis op Cyprus. Die gegevens bevestigen volgens Taraf dat de problemen van het toestel boven Syrische wateren begonnen.

Zelfs technisch bewijs dat het Turkse gevechtsvliegtuig sowieso door Syrië werd neergehaald ontbreekt. De enige indicatie blijft dat Syrië de verantwoordelijkheid op zich nam. Er is al gesuggereerd dat het in werkelijkheid om een ongeluk ging en dat de Syriërs de schuld op zich namen om te bewijzen dat hun luchtafweersysteem nog werkt.

Taraf beklemtoont het lastige parket waar Erdogan zich in bevindt, want in juni was hij erg stellig toen hij zei dat Syrië het toestel in internationaal luchtruim neerhaalde. Nog zo’n moment waarop hij beter even had kunnen wachten alvorens zijn mond open te trekken. Eens kijken wat voor konijn Erdogan vervolgens uit de hoge hoed gaat toveren om Obama over de streep te trekken.

Peter Edel/Istanbul

Van Peter Edel verscheen onlangs De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (Uitgeverij EPO, Antwerpen).

Volg Peter Edel op twitter.



Er zijn 3 reacties

  1. hatice
    Geplaatst op 17 augustus 2012 om 2:18 am uur.

    ik ben zo klaar met turken die hun trots alleen maar weer op de geschiedenis richten…

    70 miljoen mensen, sterke natie, grote natie, en het lef hebben om de olimpysche spelen te willen organiseren terwijl het volk dichtslibt van borek en kizartma en er maar geen 5 medialles kunnen worden gewonnen…de 2 rennende dames ten spijt is dat vergeleken met 150 andere landen PRUT!

  2. Mehmet
    Geplaatst op 17 augustus 2012 om 1:05 pm uur.

    Hatice,

    Geen Kritiek leveren, doe het zelf… als je zelf te oud ben een van je kinderen, of neefjes.. etc.

    Het is een kwestie van wil en systematisch aan het werk gaan en willen winnen.

    Een reus van 70 miljoen die niets aan doet kan verslagen worden door een dwerg van 1 miljoen die er wel aan doet,.

    Mehmet

  3. test
    Geplaatst op 27 augustus 2012 om 8:27 am uur.

    mehmet hou je mond man. Heb een paar van je onnozele reacties gelezen…Guzel demisin Hatice…Heb ook schoongenoeg van Turken die steeds de geschiedenis erbij halen en zeggen van: kijk hoe geweldig we waren…

    Ik haal toch maar weer even iets uit de geschiedenis en dat is een turks gezegde….

    Mezar tasi ile ovunulmez….

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Laatste Video: Erdogan veroordeelt bloed...
Het laatste nieuws van Lokum.nl